Biografie Pieter Kuhn - 22 mei 1910 tot 20 januari 1966.

 
 

Pieter Kuhn in zijn atelier op woonadres van Beuningenstraat 23 te Hilversum in de 60er jaren.


Het eenvoudige atelier bevond zich op zolder.  De tekentafel nam het grootste gedeelte van de ruimte in met tekenspullen en een verzameling maritieme voorwerpen.  Zijn bibliotheek met naslagwerken en studie/inspiratiemateriaal stond in de woonkamer.  Hij tekende en las vooral ’s avonds en ’s nachts in de rustige uurtjes.  ’s Zomers verhuisde het benodigde tekenmateriaal naar de tjalk in Loosdrecht waar hij een tekentafel improviseerde op de bovenkant van de motorkast.  De ‘motorkamer’ was zijn heiligdom waar hij rustig moest kunnen werken. 















Pieter Kuhn aan boord van de tjalk “Caprice”


Pieter Kuhn werd op 22 mei 1910 geboren in Amsterdam.  Zijn jeugd bracht hij daar door en volgens eigen zeggen was hij een ‘rotjongen’ die veel kattenkwaad uithaalde en het maar al te leuk vond om bijv. schippers die afgemeerd lagen in de gracht te pesten.  Amsterdam is altijd een inspiratiebron gebleven, zelfs toen hij er niet meer woonde.  Na de lagere school werkte hij bij een drukkerij, volgde een opleiding aan de Kunstnijverheidsschool “Quellinus” en daarna de avondstudie aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten, waar hij in 1932 afstudeerde.












Detail academietekening


Vanaf 1932 werkte hij als reclametekenaar bij drukkerij Van Dooren in Vlaardingen en na zijn huwelijk met Margaretha (Rie) Groenewoud in 1934 woonde hij in Schiedam.   Marga, de eerste dochter, werd daar in 1937 geboren.   Na een mislukte poging om in Amsterdam werk te vinden verhuisde het gezin naar Hilversum, van Beuningenstraat 23, waar hij tot zijn dood zou blijven wonen.  Hij werkte bij het reclamebureau Kastelein, waar hij o.a. Cor van Velsen en Alex Jagtenberg  als vrienden en collega’s had.  Dit werk deed hij tot hij in 1943 zelfstandig ging werken als illustrator.  Tegen die tijd kwamen zijn grafische talenten goed van pas in het verzet in Hilversum.  Hij vervalste persoonsbewijzen, voedselkaarten en andere papieren en maakte zelf stempels en handtekeningen.  Daarbij werkte hij freelance voor diverse uitgeverijen, ondermeer voor illegale maar ook voor omstreden Duitsgezinde uitgeverijen in overleg met het verzet.  Zijn vrouw steunde hem bij het onderdak geven aan onderduikers in hun huis en op hun boot. 


In die latere oorlogsjaren is het idee ontstaan om een stripverhaal te maken over een zeiler en zijn hond die stoere avonturen beleefden.  Het geheel had als achtergrond de identiteit van de Hollandse held, onverschrokken vechtend tegen vijanden en complotten met als basis het Zeilschip de Vrijheid.  Kapitein Rob heette voluit Robert van Stoerem en vertoonde dezelfde trekken als de latere James Bond!  Na de bevrijding bracht hij zijn eerste stripverhaal naar Het Parool waar hij geïntroduceerd werd door Geert Lubberhuizen van de Bezige Bij.  Het Parool begon in December 1945 met de eerste aflevering. 


De eerste striptekening van Pieter Kuhn, QN1 zoals die in Het Parool verscheen in december 1945.


Kuhn leverde de tekeningen persoonlijk af bij Het Parool met aanwijzingen voor de drukkers,  in porties, niet als compleet verhaal, voorzien van tekst om de tekeningen heen, niet in detail maar in grote lijnen het verhaal weergevend.  Bij deel 1 verzorgde Wijnanda Aberson van Het Parool de uitwerking van de teksten, daarna Evert Werkman met wie Kuhn een zeer goede samenwerking had en die hem ook terzijde stond met adviezen over de inhoud van de strips.   De eerste zes delen van ‘Kapitein Rob’ hadden nog als algemene titel “De Avonturen van het Zeilschip de Vrijheid “, vanaf deel 7 werd het “De Avonturen van Kapitein Rob”, daarmee niet het schip maar de held zelf op de voorgrond zettend.  Kuhn signeerde zijn strips met QN en nummerde iedere strip QN 1 vanaf deel 1 tot en met QN 5478 als laatste tekening in deel 73 dat onafgemaakt bleef door zijn plotselinge dood in januari 1966.  Behalve enkele tekeningen uit deel 12 zijn alle oorspronkelijke Kapitein Rob tekeningen bewaard gebleven.  Zij worden beheerd door de Pieter Kuhn Stichting en bewaard in de Groninger Archieven.  Als striptekenaar is Kuhn nog steeds erkend, gezien de verschillende herdrukken van zijn werk, dat daardoor nog steeds compleet in de verkoop is.  De oorspronkelijke uitgaven van Het Parool in oblongformaat zijn zeer geliefd bij verzamelaars.  Ook zijn er diverse tentoonstellingen van zijn werk geweest, zowel in bijv. het Maritiem Museum Rotterdam als in Het Stripmuseum te Groningen.   Toch hebben de liefhebbers en oud-lezers bij navraag het duidelijkst als associatie met ‘Kapitein  Rob’ de bekende figuren, de vrienden en vijanden van Rob en de Avonturen zelf – ze kunnen titels van verhalen en personages zo weer terughalen.  De regisseur van de film “Kapitein Rob en het Geheim van Professor Lupardi” vond daar ook zijn inspiratiebron.   Zo blijft Pieter Kuhn, als illustrator, striptekenaar maar ook vooral als bedenker en schrijver van zijn bekendste werk – De Avonturen van Kapitein Rob – levend.  


De opzet voor de laatste tekening, de QN 5478!!


Zie voor een volledig overzicht van zijn werk de informatie van Lex Ritman, biograaf van Pieter Kuhn, op bovenstaande site van Zeelandnet


 

Pieter Kuhn “op zijn plek”


De tjalk “Caprice”




Gezellige prater



Artistieke prestaties


  1. 1.73 stripverhalen

  2. 2.boekomslagen

  3. 3.(boek)illustraties


Belangrijke site met veel aanvullende informatie:


Zeelandnet